ECLI:NL:RBAMS:2019:7137
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking kantonrechter niet ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan concrete feiten
Verzoeker diende op 27 augustus 2019 een verzoek tot wraking in tegen de kantonrechter die zijn zaak behandelde. Het verzoek werd vijf minuten voor de uitspraak ingediend en bevatte geen concrete feiten of omstandigheden die de vermeende vooringenomenheid van de rechter onderbouwen.
De wrakingskamer oordeelde dat het vermoeden van onpartijdigheid van de rechter geldt, tenzij uitzonderlijke omstandigheden zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid opleveren. Het verzoek miste dergelijke concrete aanwijzingen en was daarmee niet ontvankelijk. De stelling dat de zaak door andere zaken en personen werd beïnvloed en dat een eerlijk proces onmogelijk zou zijn, werd niet geconcretiseerd en is geen grond voor wraking.
Daarnaast werd het verzoek als misbruik van recht beoordeeld vanwege de timing en het ontbreken van relevante grondslagen. Daarom werd bepaald dat een volgend wrakingsverzoek tegen dezelfde rechter niet in behandeling wordt genomen. De procedure werd voortgezet in de stand waarin deze zich bevond op het moment van het wrakingsverzoek.
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek werd niet ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van concrete feiten die vooringenomenheid aantonen.