De rechtbank Amsterdam behandelde de vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Veroordeelde had meerdere bijzondere voorwaarden niet nageleefd, waaronder het stoppen met een intensieve topzorgbehandeling bij De Waag en het niet altijd melden bij de reclassering.
Tijdens de zitting gaf de verdediging aan dat de behandeling bij De Waag belemmerend werkte voor de dagbesteding en dat een minder intensief alternatief niet mogelijk was. Veroordeelde is inmiddels gestart met een leerwerktraject en woont met begeleiding, wat positief is voor zijn toekomst. De reclassering erkende dat ondanks het niet volledig naleven van voorwaarden, er nog mogelijkheden zijn voor begeleiding en recidivebeperking.
De rechtbank oordeelde dat volledige tenuitvoerlegging van de straf het positieve traject van veroordeelde zou doorkruisen. Daarom werd besloten de proeftijd met één jaar te verlengen, de bijzondere voorwaarde van topzorgbehandeling te schrappen, en de overige voorwaarden te handhaven. Hiermee krijgt veroordeelde een laatste kans om zich te houden aan de voorwaarden en een delictvrij bestaan op te bouwen.