ECLI:NL:RBAMS:2019:7289

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
11 september 2019
Publicatiedatum
3 oktober 2019
Zaaknummer
C/13/669899 / HA ZA 19-814
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verklaring voor recht vernietiging koopovereenkomst en teruglevering perceel

Eiser heeft de koopovereenkomst van 6 juli 2018 vernietigd en vordert betaling van €93.000 en teruglevering van het verkochte perceel van gedaagde, ADM Vastgoed B.V. Gedaagde is bij verstek verschenen en heeft geen verweer gevoerd.

De rechtbank oordeelt dat de vernietiging van de koopovereenkomst terecht is en wijst de vorderingen van eiser toe. Gedaagde wordt veroordeeld om binnen veertien dagen na betekening van het vonnis het bedrag van €93.000 te betalen, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 16 juli 2019 tot volledige betaling.

Daarnaast moet gedaagde het perceel terugleveren en de daarmee samenhangende kosten, waaronder notariskosten en overdrachtsbelasting, voldoen. Voor elke dag dat gedaagde niet aan deze verplichting voldoet, is een dwangsom van €1.000 verschuldigd, tot een maximum van €75.000.

De proceskosten worden aan de zijde van eiser begroot op €2.097,01 en worden aan gedaagde opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard voor de veroordelingen tot betaling, teruglevering, dwangsom en proceskosten.

Uitkomst: Koopovereenkomst terecht vernietigd, gedaagde veroordeeld tot betaling van €93.000 en teruglevering van het perceel met dwangsom.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht
zaaknummer / rolnummer: C/13/669899 / HA ZA 19-814
Vonnis van 11 september 2019
in de zaak van
[eiser],
wonende te [woonplaats],
eiser,
advocaat mr. C.D.R. Schoonderbeek te Soest,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ADM VASTGOED B.V.,
gevestigd te Uithoorn,
gedaagde,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de dagvaarding, met producties,
  • het herstelexploot van 6 augustus 2019,
  • het tegen gedaagde verleende verstek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De beoordeling

2.1.
De gevorderde dwangsom zal worden beperkt als volgt.
2.2.
Het gevorderde komt de rechtbank voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen.
2.3.
Gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van eiser worden begroot op:
- dagvaarding € 109,01
- griffierecht 914,00
- salaris advocaat
1.074,00(1,0 punt × tarief € 1.074,00)
Totaal € 2.097,01

3.De beslissing

De rechtbank
3.1.
verklaart voor recht dat eiser de koopovereenkomst d.d. 6 juli 2018 terecht heeft vernietigd,
3.2.
veroordeelt gedaagde om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis aan eiser te betalen een bedrag van € 93.000,00 (drieënnegentig duizend euro), vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW Pro over dit bedrag met ingang van 16 juli 2019 tot de dag van volledige betaling,
3.3.
veroordeelt gedaagde om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis er zorg voor te dragen dat het verkochte perceel aan haar wordt terug geleverd met dien verstande dat de daarmee verband houdende kosten (waaronder ieder geval begrepen de kosten van de notaris en overdrachtsbelasting voor zover verschuldigd) voldaan dienen te worden door gedaagde,
3.4.
veroordeelt gedaagde om aan eiser een dwangsom te betalen van € 1.000,00 voor iedere dag of een gedeelte daarvan dat zij niet aan de in 3.3. uitgesproken hoofdveroordeling voldoet, tot een maximum van € 75.000,00 is bereikt,
3.5.
veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiser tot op heden begroot op € 2.097,01,
3.6.
verklaart dit vonnis voor wat betreft de veroordelingen onder 3.2. tot en met 3.5. uitvoerbaar bij voorraad,
3.7.
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Singeling en in het openbaar uitgesproken op 11 september 2019. [1]

Voetnoten

1.type: AAK