Eiseres exploiteerde een bed and breakfast (B&B) in een pand met twee adressen, waarbij op drie verdiepingen kamers met in totaal zes slaapplaatsen werden aangeboden. Verweerder stelde dat dit hotelmatig gebruik was en daarmee in strijd met het bestemmingsplan, dat slechts overnachting aan maximaal vier personen toestaat in een zelfstandige woning.
De rechtbank stelde vast dat het aantal slaapplaatsen bepalend is voor de vraag of sprake is van het aanbieden van overnachting aan meer dan vier personen, ongeacht het feit dat er nooit meer dan vier personen tegelijk verbleven. Hierdoor was sprake van strijd met het bestemmingsplan en was het opleggen van een last onder bestuursdwang gerechtvaardigd.
Eiseres voerde aan dat de overtreding was beëindigd en dat toezichthouders hadden toegezegd dat geen maatregelen zouden volgen bij het onklaar maken van een kamer, een beroep op het vertrouwensbeginsel. De rechtbank vond dit niet aannemelijk en wees het beroep af.
De rechtbank concludeerde dat de last onder bestuursdwang terecht was opgelegd om herhaling te voorkomen en verklaarde het beroep ongegrond.