Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 31 oktober 2019 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 31 oktober 2019.
Rechtbank Amsterdam
Eiser heeft op 29 januari 2019 een bijstandsuitkering aangevraagd naar de norm van een alleenstaande. Verweerder stelde na onderzoek vast dat eiser een gezamenlijke huishouding voert en wees de aanvraag af wegens het niet voldoen aan de voorwaarden voor een zelfstandig subject van bijstand. Eiser maakte bezwaar en voerde aan dat hij de aanvraag had moeten kunnen wijzigen naar de norm van een gezin, mede omdat verweerder op de hoogte was van de medebewoner.
De rechtbank oordeelt dat het de verantwoordelijkheid van eiser is om de aanvraag correct in te dienen en dat verweerder niet verplicht is om de aanvraag om te zetten naar een andere norm. De eerdere uitkering met toepassing van de kostendelersnorm verandert hieraan niets. De afwijzing is dan ook terecht.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door mr. A.M. van der Linden-Kaajan op 31 oktober 2019.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de bijstandsuitkering wordt ongegrond verklaard omdat eiser geen zelfstandig subject is en de aanvraag niet hoefde te worden gewijzigd.