Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek op de zitting
2.Tenlastelegging
3.Waardering van het bewijs
modus operandivan verdachte.
stillszijn onvoldoende duidelijk, waardoor niet met zekerheid kan worden vastgesteld dat verdachte op de camerabeelden te zien is. Naast de herkenningen bevat het dossier geen enkel aanknopingspunt op basis waarvan verdachte in verband kan worden gebracht met de poging diefstal bij [naam 3] .
livemeekijken met de beveiligingscamera’s en zag een onbekende man in het kantoor lopen. Toen aangever ter plaatse kwam, bleken het hek en twee deuren aan de buitenzijde van het pand te zijn geforceerd. Uit het pand is niets weggenomen. Op de camerabeelden nam aangever waar dat twee mannen op een bromfiets kwamen aanrijden. Een van hen forceerde met een voorwerp, lijkend op een breekijzer, het slot van het toegangshek, terwijl de andere man op de uitkijk stond. De deur werd geforceerd en ingetrapt. De man liep binnen direct naar de kluis. Toen hij probeerde de kluis open te breken, ging het alarm af. De man verliet het pand en beide mannen reden samen weg op de bromfiets.
smartsafe, die onder de kassa zit. De schoonmaakster liep weg en waarschuwde de nog buiten staande personeelsleden. Samen met een personeelslid liep de schoonmaakster weer naar binnen en zag verdachte druk bezig om een tweede kassa achter de bar los te krijgen. Verdachte ging via de voordeur naar buiten en liep een andere straat in. De chef-kok van [naam 5] had de politie gebeld en volgde verdachte in afwachting van de politie. Op aanwijzing van de chef-kok werd verdachte, in het bijzijn van een andere man, aangehouden in de Albert Cuypstraat. Later werd geconstateerd dat de kassa schade had. Ook werd een schroevendraaier naast de kassa aangetroffen. De camerabeelden werden door een verbalisant bekeken. De verbalisant beschreef dat zij zag dat verdachte tegen de deur duwde, daardoorheen naar binnen ging en dat verdachte achter de bar ‘bezig’ was. De aangever constateerde dat er geen geld uit de smartsafe was weggenomen en dat de dader heeft geprobeerd de kassa open te breken maar dat dat niet gelukt was.
4.Bewezenverklaring
5.Het bewijs
6.Strafbaarheid van de feiten
7.Strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf
9.Vorderingen benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvan
9 (negen) maanden.
5 (vijf) maandenvan deze gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij later anders wordt gelast.
2 (twee) jaarvast.
€ 800,- (achthonderd euro)ter vergoeding van materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (1 januari 2019) tot aan de dag van de algehele voldoening.
€ 800,- (achthonderd euro),te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (1 januari 2019) tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van
16 dagen, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.
€ 921,02 (negenhonderdeenentwintig euro en twee eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (16 februari 2019) tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van
18 dagen, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.
€ 850,- (achthonderdvijftig euro), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (20 januari 2019) tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van
17 dagen, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.