Eiseres, werkzaam als [functie] voor 22 uur per week, viel op 20 juli 2017 uit wegens ziekte. Verweerder stopte haar Ziektewetuitkering per 20 augustus 2018 na een eerstejaars ziektewetbeoordeling waarbij werd vastgesteld dat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt was. Eiseres maakte bezwaar en beroep tegen deze beslissing.
De rechtbank beoordeelde de medische en arbeidskundige rapporten die door verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen waren opgesteld. Deze rapporten waren zorgvuldig, consistent en concludent, en vormden een betrouwbare basis voor het besluit van verweerder. Eiseres voerde aan dat zij meer beperkt was en een verdere urenbeperking nodig had, maar kon dit niet met een medisch rapport onderbouwen.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep had de klachten van eiseres meegewogen en een nieuwe functionele mogelijkhedenlijst opgesteld, waarbij een aantal beperkingen werden erkend. De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep concludeerde dat eiseres nog steeds meer dan 65% van haar loon kon verdienen met passend werk. De rechtbank volgde dit oordeel en wees het beroep af. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.