ECLI:NL:RBAMS:2020:1284
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en geen strafoplegging voor bedreiging vanuit separeercel met verminderd toerekeningsvatbaarheid
Op 12 september 2019 bedreigde verdachte een medewerker van een kliniek vanuit een separeercel met ernstige, levensbedreigende woorden. Verdachte verkeerde op dat moment in een manisch psychotisch toestandsbeeld door een schizoaffectieve stoornis. De rechtbank achtte deze bedreiging wettig en overtuigend bewezen en strafbaar, maar verklaarde verdachte sterk verminderd toerekeningsvatbaar op basis van een NIFP-rapport.
Daarnaast werden bedreigingen aan meerdere medewerkers op 10 september 2019 niet bewezen verklaard, omdat deze uitingen ongericht waren en niet tot redelijke vrees leidden. De verdediging voerde aan dat verdachte door zijn ziektebeeld niet verantwoordelijk kon worden gehouden voor zijn uitingen en dat hij reeds zwaar gestraft was door detentie.
De rechtbank volgde dit standpunt en legde geen straf of maatregel op aan verdachte, ondanks de bewezen bedreiging. Hiermee werd rekening gehouden met de psychische toestand van verdachte en de reeds ondervonden stress door detentie. Verdachte werd vrijgesproken van de overige bedreigingen.
Uitkomst: Verdachte werd vrijgesproken van sommige bedreigingen en voor de bewezen bedreiging strafbaar verklaard zonder strafoplegging wegens sterke vermindering van toerekeningsvatbaarheid.