Verzoeker heeft een ontnemingsmaatregel opgelegd gekregen tot betaling van €61.440,- aan de Staat, vastgesteld door het gerechtshof Amsterdam in 2007. Na jarenlange afbetaling resteert nog circa €26.000,-. Verzoeker, inmiddels 74 jaar en met een slechte gezondheid, ontvangt alleen AOW en pensioen en is financieel afhankelijk van zijn kinderen.
De rechtbank heeft het verzoek tot volledige kwijtschelding afgewezen, maar gelet op de beperkte draagkracht en het feit dat voortzetting van de maatregel een punitief effect zou hebben, is besloten tot matiging van het resterende bedrag met €25.000,-. Hierdoor resteert nog een bedrag van ongeveer €1.000,- dat verzoeker nog moet afbetalen.
De officier van justitie heeft geen bezwaar gemaakt tegen de matiging, mede op basis van het standpunt van het CJIB dat de betalingsregeling sinds 2008 is gevolgd en verzoeker zich daaraan houdt. De beslissing is op 12 februari 2020 openbaar uitgesproken en is niet vatbaar voor hoger beroep.