ECLI:NL:RBAMS:2020:1778
Rechtbank Amsterdam
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij opschorting bijstandsuitkering wegens niet verstrekken gevraagde gegevens
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van verweerder om zijn bijstandsuitkering op te schorten. Verweerder had informatie opgevraagd over zes bankrekeningen bij een bank die bij hem niet bekend waren, waaronder bewijsstukken van de openingsdatum en rekeningafschriften tot 23 januari 2020.
Verzoeker heeft deze gevraagde gegevens niet verstrekt, ondanks dat deze essentieel zijn voor het vaststellen van zijn recht op bijstand. De voorzieningenrechter oordeelt dat verweerder daarom gerechtigd was de uitkering op te schorten. Verzoeker werd geadviseerd de ontbrekende informatie alsnog te verkrijgen en in de bezwaarfase te overleggen.
Gezien het ontbreken van de benodigde gegevens heeft het bezwaar van verzoeker geen redelijke kans van slagen. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen vanwege het niet verstrekken van gevraagde bankgegevens, waardoor opschorting van de bijstandsuitkering gerechtvaardigd is.