Uitspraak
1.de besloten vennootschap [opposant 1] B.V.,
1.[geopposeerde 1] ,
2. de besloten vennootschap [geopposeerde 2] B.V.,
3. [geopposeerde 3] ,
- dagvaarding in derdenverzet van 17 januari 2019, met producties;
- rolbeslissing van 19 april 2019;
- antwoord, met producties van [geopposeerde 1] ;
- antwoord, met producties van [geopposeerde 2] en [geopposeerde 3] ;
- instructievonnis;
- repliek met producties;
- rolmededeling van 28 juni 2019
- dupliek met producties van [geopposeerde 1] ;
- dupliek met producties van [geopposeerde 2] en [geopposeerde 3] ;
- akte uitlating producties van de BV en [opposant 2] ;
- dagbepaling vonnis.
23 november 2015 conservatoir beslag gelegd op de onroerende zaak aan de [adres 1] en [huisnummer] te [woonplaats] .
€ 226.283,68 vanaf 1 april 2016 ter zake van een aan [geopposeerde 2] verstrekte geldlening. [geopposeerde 1] heeft een vordering ingediend voor € 121.097,00. Daarnaast zijn door Van Diepen van der Kroef Advocaten, de VvE en [geopposeerde 3] vorderingen ingediend.
1 januari 2011 tot 1 juni 2015. [opposant 2] heeft een vordering ingediend van € 538.757,07 ter zake van een drietal tussen haar en [geopposeerde 3] gevoerde procedures.