ECLI:NL:RBAMS:2020:3155
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening voor voorschot bijstandsuitkering wegens niet-toepassing Tozo-regeling
Verzoekster, een zelfstandig cateraar, heeft een aanvraag voor bijstand ingediend nadat haar aanvraag werd afgewezen omdat zij volgens de gemeente aanspraak kon maken op de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo). Verzoekster voldoet echter niet aan de voorwaarden voor Tozo, omdat zij niet is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het bestreden besluit van de gemeente Amsterdam, dat de bijstandsaanvraag afwijst op grond van een vermeende voorliggende voorziening, niet kan standhouden. Omdat verzoekster duidelijk heeft gemaakt dat zij behoefte heeft aan aanvullende bijstand, wordt het belang van verzoekster zwaarder gewogen dan dat van de gemeente.
De rechtbank schorst het bestreden besluit tot zes weken na de beslissing op bezwaar en beveelt dat de gemeente vanaf 8 juni 2020 voorschotten verleent aan verzoekster op basis van de bijstandsnorm. Indien later blijkt dat verzoekster geen recht op bijstand heeft, moet zij het voorschot terugbetalen.
Daarnaast wordt de gemeente veroordeeld in de proceskosten en moet zij het betaalde griffierecht vergoeden. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot voorlopige voorziening toe en beveelt de gemeente voorschotten op bijstand te verlenen aan verzoekster.