ECLI:NL:RBAMS:2020:3383
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak kapitein en rechtspersonen wegens ontbreken nalatigheid bij dodelijk arbeidsongeval op sleephopperzuiger
Op 17 maart 2017 vond een noodlottig ongeval plaats aan boord van de sleephopperzuiger waarbij een bemanningslid verdronk tijdens laswerkzaamheden in een laadpijp. De kapitein en twee rechtspersonen werden beschuldigd van het overtreden van de Arbeidsomstandighedenwet en het veroorzaken van de dood door schuld.
De officier van justitie stelde dat de verdachten onvoldoende toezicht hielden en onvoldoende voorlichting gaven over de risico’s van het laswerk, en dat zij nalatig waren in het waarborgen van een veilige arbeidsplaats. De verdediging betoogde dat er geen sprake was van medeplegen, dat de betrokkenen niet wisten dat er gelast werd zonder opdracht, en dat er een adequaat veiligheidsmanagementsysteem aanwezig was.
De rechtbank oordeelde dat de bemanning voldoende was geïnformeerd, dat er een toereikende procedure bestond om risico’s te beperken, en dat er onvoldoende bewijs was voor nalatigheid of onvoldoende toezicht. Ook werd geen causaal verband vastgesteld tussen de gedragingen van de verdachten en het overlijden.
Daarom sprak de rechtbank de kapitein en de rechtspersonen vrij van overtreding van de Arbowet en dood door schuld. Er was sprake van een tragisch ongeval, maar onvoldoende bewijs voor strafrechtelijke aansprakelijkheid.
Uitkomst: Verdachte en medeverdachten worden vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van nalatigheid en causaal verband bij het dodelijk arbeidsongeval.