ECLI:NL:RBAMS:2020:3588
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- R.C.J. Hamming
- Rechtspraak.nl
Beschikking op klaagschrift inzake teruggave in beslag genomen auto bij drugsonderzoek
De rechtbank Amsterdam behandelde een klaagschrift ex artikel 552a Sv betreffende de teruggave van een Range Rover Evoque die in beslag was genomen bij een strafrechtelijk onderzoek naar drugshandel en witwassen. Klager, de civiele eigenaar en vader van de belanghebbende, vorderde teruggave van de auto. Het Openbaar Ministerie stelde dat de auto feitelijk in gebruik was bij de belanghebbende, die verdachte is in het strafonderzoek.
De rechtbank benadrukte het summiere karakter van de beklagprocedure en dat zij niet kan voorsorteren op de uitkomst van de hoofdzaak. De auto stond op naam van klager en hij betaalde wegenbelasting en verzekering, maar uit het dossier bleek dat de belanghebbende de auto gebruikte, persoonlijke spullen in de auto had en de verkoop regelde. Dit wekte de indruk van intensief gebruik en mogelijk feitelijk eigendom door de belanghebbende.
Gezien de onduidelijkheid over het feitelijk eigendom en het belang van het voortduren van het conservatoir beslag in verband met een mogelijke maatregel in de strafzaak, oordeelde de rechtbank dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter een maatregel zal opleggen. Daarom werd het klaagschrift ongegrond verklaard en werd de teruggave van de auto geweigerd.
Uitkomst: Het klaagschrift is ongegrond verklaard en de teruggave van de in beslag genomen auto wordt geweigerd.