Uitspraak
regio Amsterdam,
locatie Amsterdam,
hierna te noemen: de Raad.
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam behandelde een geschil tussen gescheiden ouders over de gezamenlijke gezagsuitoefening en een verzoek van de moeder om vervangende toestemming voor verhuizing met de minderjarige kinderen naar Almere.
De moeder had een woning gekocht in Almere, omdat de vader ondanks eerdere afspraken niet naar Amstelveen was verhuisd. De vader was tegen de verhuizing en wilde dat de kinderen bij hem zouden blijven wonen. De rechtbank hield rekening met het belang van de kinderen, de woonomstandigheden, de zorgregeling en de afstand tussen de ouders.
De rechtbank oordeelde dat het belang van de moeder om met de kinderen naar Almere te verhuizen zwaarder weegt dan andere belangen, mede omdat de vader geen concrete stappen had ondernomen om naar Amstelveen te verhuizen. De zorgregeling bleef ongewijzigd en de vader werd verplicht een kinderbijdrage van €200 per kind per maand te betalen.
De beschikking werd niet uitvoerbaar bij voorraad verklaard vanwege de mogelijkheid dat de vader alsnog verhuist, wat tot een andere beslissing zou kunnen leiden. De moeder kreeg toestemming om de kinderen na een schoolvakantie in te schrijven op een school in Almere.
Uitkomst: De moeder krijgt vervangende toestemming om met de kinderen naar Almere te verhuizen en de zorgregeling en kinderbijdrage worden definitief vastgesteld.