Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
beschikking van de kantonrechter
[verzoekster]
de besloten vennootschap Albron Nederland B.V.
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
Albron heeft een verweerschrift ingediend.
Rechtbank Amsterdam
De werkneemster trad in augustus 2018 in dienst bij het cateringbedrijf Albron met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, die meerdere keren werd verlengd. Tijdens haar zwangerschap en aansluitend verlof maakte zij gebruik van zwangerschaps-, bevallings-, ouderschaps- en kolfverlof. Na afloop van de laatste termijn werd haar contract niet verlengd.
De werkneemster vorderde een billijke vergoeding wegens vermeende discriminatie, stellende dat het gebruik van haar wettelijke verlofrechten de reden was voor het niet verlengen van haar contract. Albron stelde dat de niet-verlenging te wijten was aan een gebrek aan flexibiliteit en loyaliteit van de werkneemster, niet aan haar verlof.
De kantonrechter oordeelde dat er onvoldoende bewijs was voor discriminatie. De arbeidsovereenkomst was zelfs tijdens het verlof verlengd. De opmerkingen van de manager tijdens een telefoongesprek werden als ongelukkig maar niet discriminerend beoordeeld. Het verzoek tot billijke vergoeding werd daarom afgewezen en de werkneemster werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot billijke vergoeding wegens vermeende discriminatie bij niet-verlenging van de arbeidsovereenkomst is afgewezen.