De rechtbank Amsterdam heeft verdachte veroordeeld voor het voorhanden hebben van een vuurwapen met munitie en geluiddemper in Heerhugowaard en voor het medeplegen van het binnenbrengen van ongeveer 9 gram hasjiesj en een mobiele telefoon in Justitieel Complex Zaanstad. Verdachte werd vrijgesproken van het ten laste gelegde geweld tegen een ambtenaar wegens onvoldoende bewijs.
De bewezenverklaring is gebaseerd op een bekennende verklaring, technische bewijzen zoals opgenomen gesprekken in een auto van verdachte, en de herkenning van hasjiesj door een politieagent. De rechtbank oordeelde dat het niet vaststaat dat het wapen waarmee op 29 februari 2020 in Amsterdam is geschoten hetzelfde is als het later aangetroffen wapen.
De strafoplegging houdt rekening met de ernst van het feit, de aanwezigheid van het wapen op ooghoogte voor een jong broertje, het proefschieten kort voor het aantreffen van het wapen, en het criminele circuit waarin verdachte zich mogelijk bevindt. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 12 maanden op voor wapenbezit en 2 weken hechtenis voor het binnenbrengen van verboden voorwerpen. Daarnaast werden het wapen, geluiddemper en een autosleutel onttrokken aan het verkeer.
Verder werd beslag gelegd op meerdere telefoons en een Louis Vuitton tas, waarvan de meeste telefoons en de tas aan verdachte werden teruggegeven, behalve de autosleutel en wapens die werden onttrokken. De rechtbank achtte het beslag op de tas niet langer noodzakelijk.
Het vonnis werd gewezen door drie rechters en uitgesproken op 10 september 2020.