Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Vrijspraak
4.Beslag
5.Beslissing
[verdachte]van:
Rechtbank Amsterdam
Op 8 januari 2019 werden bij een aangeefster twee pakketjes van Blokker B.V. bezorgd, besteld onder een onbekende naam maar op haar adres. Een onbekende man probeerde deze pakketjes mee te nemen, maar zette ze terug na confrontatie. De politie vond in de woning van verdachte een grote hoeveelheid dure spullen en contant geld, die in beslag werden genomen.
Verdachte werd beschuldigd van medeplegen van poging tot oplichting en schuldwitwassen. De rechtbank oordeelde dat er onvoldoende bewijs was voor de poging tot oplichting, ondanks herkenning van verdachte op foto en zijn aanwezigheid in de woning. Verdachte maakte gebruik van zijn zwijgrecht, maar dat rechtvaardigde geen veroordeling.
Ten aanzien van het witwassen stelde de rechtbank vast dat er geen direct bewijs was dat de goederen en het geld uit een misdrijf afkomstig waren. Verdachte gaf een concrete en verifieerbare verklaring over de herkomst van het geld en de spullen, bevestigd door een getuige. Het Openbaar Ministerie had onvoldoende onderzoek verricht om de verklaring te weerleggen.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van beide tenlasteleggingen. De inbeslaggenomen goederen en geld werden teruggegeven aan verdachte. Het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van medeplegen poging tot oplichting en schuldwitwassen; inbeslaggenomen goederen worden teruggegeven.