Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Procesgang
2.Inhoud van het klaagschrift
3.Standpunt van het Openbaar Ministerie
4.De beoordeling
5.De beslissing
ongegrond.
Rechtbank Amsterdam
Klager verzocht om teruggave van zijn snorfiets die in beslag was genomen bij een derde, de bestuurder, wegens rijden zonder rijbewijs en andere verkeersovertredingen. Klager stelde eigenaar te zijn en betoogde dat het beslag onredelijk was en dat hij de snorfiets nodig had voor zijn werkzaamheden.
De officier van justitie stelde zich op het standpunt dat de snorfiets terecht in beslag was genomen en inmiddels op grond van een machtiging ex artikel 117 Sv Pro was vervreemd. Tevens had de kantonrechter de snorfiets verbeurd verklaard in een nog niet onherroepelijk vonnis.
De rechtbank oordeelde dat vanwege de lopende verbeurdverklaring het klaagschrift ongegrond moest worden verklaard. Klager werd gewezen op de mogelijkheid om zich te beklagen tegen een onherroepelijke verbeurdverklaring op grond van artikel 552b Sv.
De beschikking werd in het openbaar uitgesproken door rechter L. Dolfing op 29 september 2020.
Uitkomst: Het klaagschrift tot teruggave van de snorfiets wordt ongegrond verklaard vanwege de lopende verbeurdverklaring.