Op 28 april 2019 heeft verdachte te Amsterdam chocolade weggenomen uit een winkel van Vomar met het oogmerk zich deze wederrechtelijk toe te eigenen. Verdachte bekende het feit ter terechtzitting. De rechtbank achtte het bewezen op basis van de aangifte en de bekentenis.
Verdachte heeft een verleden van vermogensdelicten en kampt met ernstige verslavingsproblematiek. De reclassering adviseerde een langdurige klinische behandeling binnen een drangkader om recidive te voorkomen. Verdachte toonde zich gemotiveerd voor behandeling en hield zich grotendeels aan de voorwaarden van een lopende voorwaardelijke veroordeling.
De officier van justitie vorderde een geheel voorwaardelijke ISD-maatregel, maar de rechtbank besloot hiervan af te wijken. Gezien de motivatie van verdachte en het lopende toezicht werd een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 4 weken opgelegd, met aftrek van voorarrest. De rechtbank hechtte ook aan de ernst van het feit en het recidivepatroon.