Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
vonnis van de kantonrechter
de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid De Bewoners,
VERDER VERLOOP VAN DE PROCEDURE
- antwoord met producties;
- instructievonnis;
- dagbepaling mondelinge behandeling;
Rechtbank Amsterdam
De zaak betreft een geschil tussen de huurdersorganisatie De Bewoners en verhuurder PME over het huurprijsbeleid van drie appartementencomplexen met 87 huurwoningen. De Bewoners vorderden onder meer dat PME het gewijzigde huurprijsbeleid niet mocht uitvoeren en dat de huurprijsverhoging per 1 juli 2019 op 0% werd gesteld. Zij stelden dat PME in strijd met de Wet op het overleg huurders verhuurder (Wohv) handelde door niet tijdig en volledig advies te vragen en het advies te negeren.
PME voerde verweer dat er geen sprake was van een beleidswijziging, maar van het volgen van het bestaande overheidsbeleid. De kantonrechter oordeelde dat de correcties voor een deel van de huurders geen beleidswijziging vormden, maar individuele coulance. Daardoor was PME niet verplicht om advies te vragen aan De Bewoners over het huurprijsbeleid. De vorderingen van De Bewoners werden afgewezen.
Ook de overige vorderingen, zoals herstel van achterstallig onderhoud en schadevergoeding, werden afgewezen omdat deze niet door een huurdersorganisatie voor individuele huurders kunnen worden ingesteld. De kantonrechter sprak de hoop uit dat partijen alsnog in gesprek gaan over renovatie en onderhoud. De proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vorderingen van de huurdersorganisatie af en compenseert de proceskosten.