Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , te [plaatsnaam] , eiseres (hierna: [eiseres] )
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
Rechtbank Amsterdam
De heffingsambtenaar heeft de WOZ-waarde van de woning van eiseres vastgesteld op €488.000,- voor het kalenderjaar 2019, met als waardepeildatum 1 januari 2018. Eiseres maakte bezwaar tegen deze vaststelling en stelde dat de waarde te hoog is, waarbij zij een waarde van €441.000,- voorstelde. Zij voerde aan dat de inpandige garage ten onrechte bij de inhoud van de woning was meegerekend en dat de woning deels in oorspronkelijke staat verkeerde.
De heffingsambtenaar verwees in beroep naar verkooptransacties van vier vergelijkbare drive-in woningen met een vergelijkbaar bouwjaar rondom de waardepeildatum. De rechtbank oordeelde dat deze vergelijkingsobjecten geschikt zijn als uitgangspunt voor de waardebepaling. De inhoud van de woning was vastgesteld volgens de NEN-2580 norm op basis van bouwtekeningen, inclusief de inpandige garage.
De rechtbank stelde vast dat het niet gaat om een beoordeling van de afzonderlijke onderdelen van de berekening, maar om de WOZ-waarde van het object als geheel. Ook het argument dat de woning deels in oorspronkelijke staat verkeert, werd niet gevolgd omdat vergelijkingsobjecten eveneens verouderde en gerenoveerde elementen bevatten. De heffingsambtenaar heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees zij een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €488.000,- wordt ongegrond verklaard.