ECLI:NL:RBAMS:2020:610

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
21 januari 2020
Publicatiedatum
3 februari 2020
Zaaknummer
678586 / FA RK 20-214
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:7 WvggzArt. 3:3 Wvggz
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Machtiging tot voortzetting van crisismaatregel op grond van Wvggz wegens ernstig nadeel door psychische stoornis

De officier van justitie heeft bij verzoekschrift van 20 januari 2020 verzocht om verlenging van een op 17 januari 2020 opgelegde crisismaatregel op grond van artikel 7:7 Wvggz Pro ten aanzien van betrokkene, geboren in 1992 te Pescara, zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland.

De mondelinge behandeling vond plaats op 21 januari 2020 te Amsterdam, waarbij betrokkene, zijn advocaat, de behandelend arts, de behandelend psychiater en een tolk aanwezig waren. De officier van justitie was niet aanwezig omdat nadere toelichting niet nodig werd geacht.

De rechtbank oordeelt dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, waaronder algemene veiligheid, acute maatschappelijke teloorgang en ernstige psychische en lichamelijke schade, vermoedelijk veroorzaakt door een schizo-spectrumstoornis en cocaïnegebruik. De voorgestelde verplichte zorg is noodzakelijk, evenredig en effectief, en er zijn geen minder bezwarende alternatieven.

De machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel wordt verleend voor een periode van drie weken, tot en met 11 februari 2020. De beschikking is op 21 januari 2020 mondeling gegeven en op 4 februari 2020 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.

Uitkomst: Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel verleend voor drie weken tot en met 11 februari 2020.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: 678586 / FA RK 20-214
kenmerk: OMZ399373
Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
Beschikking van 21 januari 2020naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedatum] 1992 te Pescara (Italië),
zonder vaste woon- verblijfplaats hier te lande,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. S.L.J. Swart te Amsterdam.

1.Procesverloop

1.1.
Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 20 januari 2020, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 17 januari 2020 opgelegde crisismaatregel.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
  • een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel d.d. 17 januari 2020;
  • de medische verklaring d.d. 17 januari 2020;
  • een uittreksel uit het curateleregister.
1.2.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 21 januari 2020, op de locatie Arkin, locatie 1ste Constantijn Huygensstraat 38 (TOA) te Amsterdam.
1.3.
Ter zitting waren aanwezig en heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene;
- advocaat van betrokkene, mr. S.L.J. Swart;
- de behandelend arts, mevrouw M. de Wit;
- de behandelend psychiater, de heer R.A. van Elmpt;
- mevrouw M.A. Geuzebroek, tolk in de Italiaanse taal.
1.4.
De officier van justitie is niet ter zitting verschenen, omdat een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig is.

2.Beoordeling

2.1.
Betrokkene heeft tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat hij weet dat hij agressief is geweest, maar dit zal nu niet meer gebeuren. Hij gaat vanaf nu alle mensen zegenen. Hij wil pas over elf jaar terug naar Italië.
De advocaat van betrokkene heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Als betrokkene nu vrij wordt gelaten, zal hij op straat terechtkomen.
2.2.
Op grond van het vorenstaande, de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is de rechtbank van oordeel dat gebleken is dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in de algemene veiligheid van personen of goederen, acute maatschappelijke teloorgang, ernstige verwaarlozing, ernstige materiële schade, ernstige psychische schade en ernstig lichamelijk letsel. Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van een schizo-spectrumstoornis en andere psychotische stoornissen en een stoornis door het gebruik van vermoedelijk cocaïne. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
2.3.
De rechtbank is van oordeel dat de in de crisismaatregel genoemde zorg, te weten:
  • toedienen van vocht, voeding en medicatie;
  • het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • onderzoek aan kleding of lichaam;
  • onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
  • controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
  • opnemen in een accommodatie,
noodzakelijk is om het nadeel af te wenden. Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
2.4.
De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief
(artikel 3:3). Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
2.5.
Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden.

3.3. Beslissing

De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] 1992 te Pescara (Italië) voor zover het de in rechtsoverweging 2.3 genoemde vormen van verplichte zorg betreft;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 11 februari 2020.
Deze beschikking is op 21 januari 2020 mondeling gegeven door mr. I.M. Nusselder, rechter en in het openbaar uitgesproken bijgestaan door J.M. Vos als griffier, en op 4 februari 2020 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open
.