ECLI:NL:RBAMS:2020:6290
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding verzekering en toekenning kosten opstellen verzoekschrift na brandstofdiefstalzaak
Verzoeker werd op 11 november 2015 aangehouden en in verzekering gesteld op verdenking van brandstofdiefstal, waarna hij op 12 november 2015 werd heengezonden. De strafzaak werd op 24 maart 2020 onvoorwaardelijk geseponeerd door het Openbaar Ministerie. Verzoeker vroeg vergoeding voor schade door ondergane verzekering en voor kosten van het verzoekschrift.
De rechtbank oordeelde dat er geen gronden van billijkheid waren om vergoeding toe te kennen voor de ondergane verzekering, omdat verzoeker herkend werd op camerabeelden en zelf toegaf zonder te betalen te hebben getankt, wat een strafbaar feit is. Het verzoek tot vergoeding van kosten voor het opstellen en indienen van het verzoekschrift werd wel toegewezen.
De rechtbank wees het verzoek ex artikel 533 Wetboek Pro van Strafvordering af en kende op grond van artikel 530 lid 2 Sv Pro een standaardvergoeding van €280 toe voor de kosten van het verzoekschrift. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open.
Uitkomst: Verzoek tot vergoeding voor ondergane verzekering afgewezen, vergoeding van €280 toegekend voor kosten opstellen verzoekschrift.