Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 februari 2020 in de zaak tussen
[eiser] te Diemen, eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 5 februari 2020.
Rechtbank Amsterdam
Eiser, die sinds 2014 een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt, verzocht om herziening van zijn WIA-uitkering op grond van vermeende verslechtering van zijn gezondheid. Verweerder wees dit verzoek af omdat er geen nieuwe feiten of omstandigheden (nova) waren die een herziening rechtvaardigden.
Na medisch en arbeidsdeskundig onderzoek stelde verweerder dat de beperkingen van eiser niet waren onderschat en dat er geen nieuwe medische informatie was. Eiser voerde aan dat verweerder zijn vergewisplicht niet had nageleefd en dat de verzekeringsarts ten onrechte oordeelde over het bestaan van nova.
De rechtbank oordeelde dat het aan de verzekeringsarts is om te beoordelen of nova aanwezig zijn en dat verweerder zijn beleid correct had toegepast door het verzoek zonder diepgaand onderzoek af te wijzen. Ook was geen sprake van een melding van verslechtering per 9 juli 2018 zoals eiser stelde.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek om herziening van de WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard.