Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Waardering van het bewijs
wil je het buye of niet?”. [18] Verdachte heeft op de terechtzitting verklaard dat hij deze filmpjes heeft opgenomen.
trapline. Met het woord trap wordt volgens de politie de handel in verdovende middelen bedoeld. Op die telefoon zijn ook foto’s van prijslijsten van verdovende middelen aangetroffen en daarop stonden vrijwel geen persoonlijke foto’s. [20]
wil je het buye of niet”. Bovendien volgt uit de verklaringen van [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] dat het vuurwapen van verdachte was en hij dit wilde verkopen. Verdachte heeft het vuurwapen dan ook voorhanden gehad.
drill sceneook doen. Hierdoor was al meteen een redelijk vermoeden van schuld ontstaan, aan tenminste het voorhanden hebben van een vuurwapen, zodat de cautie had moeten worden gegeven (artikel 29 Sr Pro) en hij diende te worden gewezen op het recht op rechtsbijstand (artikel 27c, tweede lid Sv). Dat is niet gebeurd.
significant weighttoekomt. De raadsman heeft verwezen naar het arrest [naam arrest] van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). [22]
wil je het buye of niet?”. [29] De rechtbank is van oordeel dat uit dit filmpje blijkt dat het vuurwapen door verdachte te koop werd aangeboden.
trapline. Een telefoon die kennelijk alleen wordt gebruikt voor de handel in verdovende middelen. De rechtbank acht het onder 3 impliciet primair ten laste gelegde bewezen.
4.Bewezenverklaring
1.
3. impliciet primair
5.Strafbaarheid van de feiten
6.Strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straf
8.Beslag
Benadeelde partijen
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van achttien (18) maanden.