Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Waardering van het bewijs
4.Bewezenverklaring
5.Strafbaarheid van het feit
6.Strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straffen en maatregel
[aangeefster]vordert
€ 1.385,11aan vergoeding van materiële schade (reiskosten € 378,49, belkosten € 22,60, eigen risico ziektekosten € 898,08 en kledingkosten € 85,94) en
€ 10.000,-aan vergoeding van immateriële schade te vermeerderen met de wettelijke rente.
€ 954,50, hoofdelijk en vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd (20 juli 2018).
€ 1.750,-, hoofdelijk en vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd (20 juli 2018).
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvan
4 (vier) dagen.
taakstrafvan
160 (honderdzestig) uren, met bevel, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van
80dagen.
[aangeefster]toe tot een bedrag van
€ 2.704,50(tweeduizend zevenhonderdenvier euro en vijftig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 20 juli 2018 tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van maximaal
37dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op, behoudens voor zover deze vordering reeds door of namens een ander of anderen is betaald.