ECLI:NL:RBAMS:2021:192
Rechtbank Amsterdam
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs bij oplichting met valse schadeclaims
De rechtbank Amsterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van oplichting op 13 juni 2018 in Amsterdam en 14 juni 2018 in Harderwijk. Het OM baseerde haar bewijs op herkenningen door verbalisanten en slachtoffers, en de specifieke werkwijze van de dadergroep 'travellers'.
De verdediging betwistte de betrouwbaarheid van de herkenningen, met name vanwege de slechte kwaliteit van de foto's en het ontbreken van specifieke persoonskenmerken. De rechtbank oordeelde dat de herkenningen van de verbalisanten onvoldoende betrouwbaar waren en dat de aanwezigheid van verdachte in het voertuig op 18 juni 2018 niet automatisch betekent dat hij ook op 13 juni 2018 bij de oplichting betrokken was.
Voor het feit van 14 juni 2018 was de enkelvoudige fotoconfrontatie door het slachtoffer onvoldoende en onvoldoende ondersteund door ander bewijs. De rechtbank sprak verdachte vrij wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs. De vordering van de benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard en partijen dragen ieder hun eigen kosten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van betrokkenheid bij oplichting.