Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Beschuldiging
3.Waardering van het bewijs
4.Beslissing
spreektverdachte daarvan
vrij.
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van medeplegen van witwassen van een bedrag van € 500.050,- en een onbekend geldbedrag. Het onderzoek betrof onder meer telefoontaps, observaties en camera’s bij een woning waar medeverdachten verbleven. Verdachte werd samen met medeverdachte 3 aangehouden nadat zij met een groot geldbedrag in een taxi reden.
De officier van justitie stelde dat verdachte als dekmantel fungeerde bij het ophalen van het geld en daarmee medepleger was. De verdediging voerde aan dat verdachte niet wist van het witwassen en onvoldoende bewijs bestond voor zijn betrokkenheid.
De rechtbank oordeelde dat hoewel verdachte als passagier meereed en het geld zag, zijn rol niet zodanig was dat sprake was van medeplegen. Medeplichtigheid was niet ten laste gelegd. Ook was niet bewezen dat op 10 april 2018 geld werd overgedragen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van medeplegen witwassen wegens onvoldoende bewijs voor een zwaardere rol dan dekmantel.