ECLI:NL:RBAMS:2021:2343

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
25 februari 2021
Publicatiedatum
11 mei 2021
Zaaknummer
C/13/685108 / HA ZA 20-597
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Proces-verbaal
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vorderingen tot verdeling gezamenlijk eigendom en teruggave wegens schenkingen

In deze civiele zaak vorderden eisers de afgifte van een Rolex horloge en de verkoop of betaling van een auto, stellende dat sprake was van gezamenlijk eigendom respectievelijk bruikleen. De rechtbank oordeelde dat het horloge en de auto aan gedaagde waren geschonken, gebaseerd op bewijs waaronder Whatsapp-berichten en verklaringen.

De auto was gekocht met een combinatie van inruil van een oude auto van gedaagde en een betaling van eisers, waarbij uit de communicatie bleek dat het de bedoeling was dat de auto een cadeau aan gedaagde was. De bruikleenovereenkomst voor het horloge werd niet bewezen, mede omdat de enige ondersteunende verklaring slechts een herhaling was van de stelling van eiser.

Daarom werden de vorderingen afgewezen en werden eisers veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van gedaagde. De voorwaardelijke reconventievordering van gedaagde werd ingetrokken, en ook zij werd veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van eisers. De kostenveroordelingen zijn uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: De vorderingen tot verdeling gezamenlijk eigendom en teruggave worden afgewezen omdat sprake is van schenkingen.

Uitspraak

proces-verbaal

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht
Zaaknummer/rolnummer C/13/685108 / HA ZA 20-597
Proces-verbaal van mondelinge uitspraak van 25 februari 2021
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[eiser sub 1]
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
2.
[eiser sub 2],
wonende te [woonplaats 1] ,
eisers,
verweerders in voorwaardelijke reconventie,
advocaat mr. K.Chr. Spee te Amsterdam,
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonplaats 2] ,
gedaagde in conventie,
eiseres in voorwaardelijke reconventie,
advocaat mr. S.G.H. Langeweg te Koog aan de Zaan.
Partijen worden hierna [eiser sub 1] , [eiser sub 2] (tezamen: [eisers] en [gedaagde] genoemd.
Tegenwoordig zijn mr. T.H. van Voorst Vader, rechter, en mr. C.E.P. Honing, griffier.
Na uitroeping van de zaak verschijnen:
- [eiser sub 2] , mede als bestuurder van [eiser sub 1] ,
- mr. Spee voornoemd,
- [gedaagde] en
- mr. Langeweg voornoemd.
In deze zaak heeft heden een mondelinge behandeling plaatsgevonden, waarvan afzonderlijk proces verbaal wordt opgemaakt. De rechter heeft bepaald dat de uitspraak mondeling zal worden gedaan.
De rechter doet de volgende uitspraak.

1.De gronden van de beslissing

Het geschil

1.1.
Het gaat in deze zaak om het volgende. [eiser sub 2] is middellijk bestuurder en aandeelhouder van [eiser sub 1] . Op 21 februari 2019 is van de bankrekening van [eiser sub 1] een bedrag van € 12.000,- (inclusief btw) overgemaakt naar de bankrekening van juwelier Schaap & Citroen ter zake van de aanschaf van een Rolex horloge (hierna ook: het horloge). Dit horloge bevindt zich bij [gedaagde] .
1.2.
Op 31 januari 2020 is een overeenkomst gesloten voor de aankoop van een auto van het merk Mini (John Cooper Works) met kenteken [kenteken] (hierna ook: de auto). De aankoopnota staat op naam van [gedaagde] . De aankoopprijs bedroeg inclusief btw € 33.500,-. Een bedrag van € 9.500,- is voldaan door inruil van de Volkswagen Polo van [gedaagde] . Het resterende bedrag van € 24.000,- is betaald vanaf de bankrekening van [eiser sub 1] . De auto bevindt zich vanaf de aanschafdatum tot heden bij [gedaagde] . De auto en de verzekering voor de auto staan op naam van [gedaagde] .
1.3.
Volgens [eisers] is het horloge in bruikleen gegeven aan [gedaagde] en is de auto gezamenlijk eigendom. [eisers] vorderen de afgifte van het horloge door [gedaagde] , op straffe van verbeurte van een dwangsom, en ten aanzien van de auto primair de verkoop en subsidiair dat [gedaagde] € 24.000,- aan [eiser sub 1] betaalt.
[gedaagde] voert als verweer dat de auto en het horloge aan haar zijn geschonken.
Beoordeling
1.4.
[gedaagde] is de bezitter van de auto. Het is aan [eiser sub 1] om te stellen en te bewijzen dat de auto gezamenlijk eigendom is van [gedaagde] en [eiser sub 1] . Uit de Whatsapp berichten blijkt niet van een afspraak tot gemeenschappelijke aankoop door [eiser sub 1] en [gedaagde] . Wel blijkt daaruit dat [eiser sub 2] het initiatief heeft genomen en dat hij de auto van [gedaagde] , die hij had meegenomen voor reparatie, heeft ingeruild om bij te betalen voor een nieuwe auto. Uit de berichten blijkt ook de bedoeling van [eiser sub 2] om de auto kado te doen. Dat kado, bestaande uit de cash bijdrage in aanvulling op de inruilwaarde van de auto van [gedaagde] , is aanvaard door [gedaagde] . Daarmee is de schenking die cash betaling. De inruiling van de auto vn [gedaagde] doet geen afbreuk aan het ‘om-niet karakter’ van deze schenking. Van een verkrijging bij wege van gemeenschappelijk bezit is geen sprake. Dat betekent dat de auto (voor zover niet door middel van inruiling betaald) is geschonken aan [gedaagde] .
1.5.
Het horloge is geschonken als verjaardagskado, althans daar heeft het gezien de foto’s alle verschijningsvormen van. [eiser sub 2] stelt dat partijen een afspraak hebben gemaakt over bruikleen. Die afspraak wordt stellig betwist door [gedaagde] . Het bestaan van die afspraak wordt slechts ondersteund door de verklaring van [betrokkene] . [betrokkene] verklaart slechts over hetgeen [eiser sub 2] hem heeft verteld en voegt niets toe aan de verklaring van [eiser sub 2] zelf. Daarmee is de bruikleenoverenkomst niet vast komen te staan. Dat betekent dat het horloge is geschonken aan [gedaagde] .
Conventie
1.6.
Het voorgaande betekent dat de vorderingen in conventie worden afgewezen.
1.7.
[eisers] worden als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld. De kosten aan de zijde van [gedaagde] worden tot op heden begroot op:
  • griffierecht € 83,00
  • salaris advocaat
Totaal € 1.209,00
De nakosten worden als volgt in de beslissing toegewezen.
Reconventie
1.8.
De voorwaardelijke vordering in reconventie is ingetrokken. Verder is bevestigd dat het beslag op de auto is opgeheven. [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten in (voorwaardelijke) reconventie van [eisers] , tot op heden begroot op € 563,00 (2 punten × 0,5 × € 563,00).

2.De beslissing

De rechtbank
in conventie
2.1.
wijst de vorderingen af,
2.2.
veroordeelt [eisers] in de proceskosten aan de zijde van [gedaagde] , tot op heden begroot op € 1.209,00 en
2.3.
veroordeelt [eisers] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 163,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat [eisers] niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis hebben voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 85,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak en
2.4.
verklaart de kostenveroordelingen onder 2.2 en 2.3 uitvoerbaar bij voorraad,
in reconventie
2.5.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten aan de zijde van [eisers] ., tot op heden begroot op € 563,00 en
2.6.
veroordeelt [gedaagde] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 163,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat [gedaagde] niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 85,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak en
2.7.
verklaart de kostenveroordelingen onder 2.5 en 2.6 uitvoerbaar bij voorraad.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de rechter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.