Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek op de zitting
2.Vordering en de grondslag daarvan
€ 34.524,52. Dat bedrag zou [veroordeelde] aan de Staat moeten betalen.
3.Wederrechtelijk verkregen voordeel
4.Verplichting tot betaling
5.Toepasselijk wettelijk voorschrift
6.Beslissing
€ 36.454,52.
[veroordeelde]de verplichting tot betaling van
€ 36.454,52 (zesendertigduizend vierhonderdvierenvijftig euro en tweeënvijftig cent)aan de Staat.
729 (zevenhonderdnegenentwintig) dagen.