De heffingsambtenaar van de gemeente Amsterdam legde aan eiser een aanslag rioolheffing op voor het belastingjaar 2017 wegens grootverbruik van water, vastgesteld op 318 m³. Eiser voerde aan dat het waterverbruik onjuist was vastgesteld, omdat een deel van het water naar de tuin ging en niet het riool in, onder meer door gebruik van een zwembad en bewatering van planten.
De rechtbank oordeelde dat de aanslag terecht was opgelegd op grond van de Verordening Rioolheffing Amsterdam 2017, waarin grootverbruikers worden belast vanaf 300 m³ waterverbruik per jaar. De heffingsambtenaar had het verbruik berekend op basis van gegevens van Waternet en had dit herleid tot het kalenderjaar 2017.
Eiser had onvoldoende bewijs geleverd dat daadwerkelijk minder water werd afgevoerd dan toegevoerd, aangezien hij geen meting had aangevraagd en alleen een foto van zijn tuin overlegd had. De rechtbank vond dat de heffingsambtenaar de hoeveelheid water correct had vastgesteld en verklaarde het beroep ongegrond.