Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlasteleggingen
3.Waardering van het bewijs
februari2020. De rechtbank is van oordeel dat het verschil van een maand niet kan worden aangemerkt als een kennelijke verschrijving en zal de in de tenlastelegging opgenomen pleegdatum van 24 januari 2020 dan ook niet verbeterd lezen.
4.De bewezenverklaring
5.De strafbaarheid van de feiten
6.De strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straf
8.Ten aanzien van de benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel
€ 750,- aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente.
€ 750,- redelijk en billijk is.
€ 750,-,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2020, zijnde de dag van het ontstaan van de schade.
€ 536,-(zonnebril ad € 156,- + schoenen ad € 110,- + jas ad € 270,-), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag van het ontstaan van de schade (22 oktober 2020).
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstraf van 16 (zestien) maanden.
Wijst de vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 1] toe tot een bedrag van€ 750,-(zegge: zevenhonderdvijftig euro) vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade op 1 juni 2020 tot aan de dag van de algehele voldoening.
gijzelingworden toegepast voor de duur van
15 (vijftien) dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
moskee [moskee 1] niet-ontvankelijkin haar vordering.
de benadeelde partij [benadeelde partij 2]toe tot een bedrag van
€ 536,-(zegge: vijfhonderdzesendertig euro) vergoeding van materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade op 22 oktober 2020 tot aan de dag van de algehele voldoening.
gijzelingworden toegepast voor de duur van
10 (tien) dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.