Uitspraak
[belanghebbende 1] ,
regio Amsterdam, locatie Amsterdam,
hierna te noemen: de Raad.
Rechtbank Amsterdam
Verzoekers, een stel met een langdurige relatie, hebben via draagmoederschap een tweede kind gekregen. De draagmoeder, tevens zus van verzoeker, oefent van rechtswege het eenhoofdig gezag uit. Verzoekers vragen de rechtbank om het gezag over het kind aan verzoekster toe te wijzen en de adoptie uit te spreken door verzoeker, met terugwerkende kracht tot de geboortedatum.
De rechtbank overweegt dat het belang van het kind gediend is met het toewijzen van het eenhoofdig gezag aan verzoekster en het beëindigen van het gezag van de draagmoeder. Hoewel de wet een verzorgingstermijn van een jaar vereist voor adoptie, acht de rechtbank deze termijn in dit bijzondere geval niet van toepassing, mede gelet op het EVRM. De adoptie wordt daarom toegewezen met terugwerkende kracht.
Na de adoptie zullen verzoekers gezamenlijk het gezag uitoefenen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en de ambtenaar van de burgerlijke stand wordt gelast de adoptie te registreren. De uitspraak is gedaan door rechter L. van der Heijden op 5 oktober 2021 en schriftelijk vastgesteld op 8 oktober 2021.
Uitkomst: De rechtbank wijzigt het gezag, spreekt adoptie uit met terugwerkende kracht tot de geboortedatum en kent gezamenlijk gezag toe aan verzoekers.