Eisers wonen met hun twee jonge kinderen in een te kleine tweekamerwoning van 32 m2 en hebben een urgentieverklaring aangevraagd vanwege hun woonsituatie en medische klachten. De gemeente heeft dit afgewezen, waarbij een negatief advies van de GGD een rol speelde.
De rechtbank overweegt dat eisers een zelfstandige woning hebben en niet dakloos zijn. Het te klein zijn van de woning vormt volgens het gemeentelijke beleid geen urgent huisvestingsprobleem. Bovendien wordt verwacht dat eisers met hun inschrijftijd van ruim vijftien jaar zelf een passende woning kunnen vinden. Het GGD-advies is zorgvuldig en wijst af op medische gronden.
Ook de door eisers ingeroepen hardheidsclausule wordt niet toegepast omdat geen schrijnende situatie of noodsituatie op woongebied is vastgesteld. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst een proceskostenveroordeling af.