ECLI:NL:RBAMS:2021:6921
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot verschoning rechter wegens eerdere verbondenheid met advocatenkantoor toegewezen
In deze zaak heeft eiser verzocht om verschoning van de rechter die de hoofdzaak behandelt, omdat deze rechter tot 1 april 2021 als partner verbonden was aan het advocatenkantoor dat eiser en zijn werkgever vertegenwoordigt. Eiser stelde dat de rechter nog steeds aan het kantoor verbonden zou zijn en dat dit het vertrouwen in de onpartijdigheid zou kunnen schaden.
De rechter heeft zelf verzocht om verschoning vanwege de warme banden met het voormalige advocatenkantoor en het feit dat hij geen zaken behandelt waarin het kantoor optreedt. De rechtbank heeft op grond van artikel 40 en Pro 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) beoordeeld of er objectieve omstandigheden zijn die het vertrouwen in de onpartijdigheid kunnen schaden.
De wrakingskamer oordeelde dat door de recente gemeenschappelijke werkkring en de verwevenheid met de advocaat van eiser in een andere zaak het vertrouwen in de rechterlijke onpartijdigheid daadwerkelijk geschaad zou kunnen worden. Gelet op de Leidraad onpartijdigheid en nevenfuncties werd het verzoek tot verschoning toegewezen. De procedure in de hoofdzaak wordt voortgezet door een andere rechter.
Uitkomst: Verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen en de zaak wordt voortgezet door een andere rechter.