ECLI:NL:RBAMS:2021:7701

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
27 december 2021
Publicatiedatum
30 december 2021
Zaaknummer
C/13/710625 / KG ZA 21-987
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Straat- en contactverbod voor ex-partner toegewezen in kort geding

Eiseres heeft bij dagvaarding een straat- en contactverbod gevorderd tegen haar ex-partner, die niet is verschenen tijdens de mondelinge behandeling van het kort geding. De voorzieningenrechter heeft het verzoek ontvankelijk verklaard en het gevorderde verbod toegewezen.

Het verbod omvat het zich niet bevinden in de directe nabijheid van eiseres, het gebied rond haar woning en werk, en het verbod om contact te zoeken, zowel schriftelijk als mondeling. Omdat een verbod binnen een bepaalde straal moeilijk handhaafbaar is, is gekozen voor een verbod op het zich ophouden in de directe nabijheid van eiseres, waarbij bij onbedoeld treffen gedaagde zich onmiddellijk moet verwijderen.

Er is een dwangsom van €250 per overtreding opgelegd, met een maximum van €10.000, en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Handhaving kan plaatsvinden met inzet van politie en justitie, waarbij eventuele kosten voor rekening van gedaagde komen. Proceskosten worden voorlopig tussen partijen verrekend, maar bij herhaling van overtredingen kan eiseres de kosten op gedaagde verhalen.

Uitkomst: Het straat- en contactverbod tegen de ex-partner is bij verstek toegewezen voor twaalf maanden met een dwangsom en handhaving door politie.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel
zaaknummer / rolnummer: C/13/710625 / KG ZA 21-987 IHJK/MvG
Vonnis in kort geding van 27 december 2021
in de zaak van
[eiseres],
wonende te [woonplaats] ,
eiseres bij dagvaarding van 13 december 2021,
advocaat mr. M. Pinarbasi-Ilbay te Amsterdam,
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde,
niet verschenen.

1.De procedure

Tijdens de mondelinge behandeling van dit kort geding op 21 december 2021 heeft eiseres gesteld en gevorderd overeenkomstig de aan dit vonnis gehechte dagvaarding. Vervolgens heeft zij verzocht vonnis te wijzen en is vonnis bepaald op vandaag.
Tijdens de mondelinge behandeling waren eiseres en haar advocaat aanwezig. Gedaagde is niet verschenen en heeft zich ook niet door een advocaat laten vertegenwoordigen.

2.De beoordeling

2.1.
Bij de dagvaarding zijn de bij de wet voorgeschreven formaliteiten in acht genomen, zodat het gevraagde verstek zal worden verleend.
2.2.
Het gevorderde straat- en contactverbod komt niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal worden toegewezen met inachtneming van het navolgende.
2.3.
Omdat een verbod om zich te bevinden of te begeven in een gebied binnen een bepaalde straal in de buurt van eiseres – zoals is gevorderd onder c – moeilijk te handhaven is, zal in plaats daarvan het gedaagde worden verboden zich op te houden in de directe nabijheid van eiseres. Dit betekent dat als partijen elkaar onbedoeld tegenkomen, gedaagde zich meteen uit de voeten moet maken.
2.4.
Vooralsnog zijn er geen aanwijzingen dat een dwangsom onvoldoende prikkel tot nakoming vormt of dat tenuitvoerlegging met behulp van de sterke arm onvoldoende soelaas biedt, zodat lijfsdwang op dit moment niet gerechtvaardigd is. Op dat punt zal de vordering worden afgewezen.
2.5.
Dit keer zullen de proceskosten, omdat partijen ex-partners zijn, nog tussen hen worden verrekend zoals hierna is vermeld. Indien het gedrag van gedaagde voor eiseres opnieuw aanleiding vormt om een straat- en contactverbod te vorderen, zal gedaagde, in geval van toewijzing van die vorderingen, in de proceskosten van eiseres worden veroordeeld.

3.De beslissing

De voorzieningenrechter
3.1.
verleent verstek tegen de niet verschenen gedaagde,
3.2.
verbiedt gedaagde met onmiddellijke ingang en voor de duur van twaalf maanden zich te bevinden in het gebied rond de woning van eiseres dat wordt begrensd door de [straat] , de [straat] , de [straat] , het [plein] , de [straat] , de [straat] en de [straat] te [plaats] , met inbegrip van de genoemde straten, een en ander zoals gemarkeerd op de aan dit vonnis gehechte plattegrond,
3.3.
verbiedt gedaagde met onmiddellijke ingang en voor de duur van twaalf maanden zich te bevinden in het gebied rond het werk van eiseres aan de [adres] te [plaats] , dat wordt begrensd door de [straat] , de [straat] , de [straat] , [plein] en [straat] , met inbegrip van de genoemde straten, een en ander zoals gemarkeerd op de aan dit vonnis gehechte plattegrond,
3.4.
verbiedt gedaagde met onmiddellijke ingang en voor de duur van twaalf maanden om zich op te houden in de directe nabijheid van eiseres,
3.5.
verbiedt gedaagde met onmiddellijke ingang en voor de duur van twaalf maanden om op enigerlei wijze, schriftelijk of mondeling, met eiseres in contact te treden,
3.6.
veroordeelt gedaagde tot betaling aan eiseres van een dwangsom van
€ 250,00 voor iedere overtreding van de onder 3.2, 3.3, 3.4 of 3.5 uitgesproken verboden, tot een maximum van € 10.000,00 is bereikt,
3.7.
machtigt eiseres om de onder 3.2, 3.3, 3.4 of 3.5. uitgesproken verboden ten uitvoer te leggen met behulp van de sterke arm van politie en justitie en bepaalt dat indien daarvoor kosten worden berekend, die door gedaagde moeten worden gedragen,
3.8.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
3.9.
verrekent de proceskosten tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
3.10.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.H.J. Konings, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. M.F. van Grootheest, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 27 december 2021. [1]

Voetnoten

1.type: MvG