Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 21 februari 2020, met producties,
- het vonnis in incident van 1 juli 2020, met de daarin genoemde stukken,
- de conclusie van antwoord in conventie tevens eis in reconventie, met producties,
- het vonnis van 20 januari 2021, waarin ambtshalve een mondelinge behandeling is bepaald,
- de conclusie van antwoord in reconventie tevens houdende akte wijziging van eis, met producties,
- de akte uitlating producties en vermeerdering van eis van HEC.
2.De feiten
Het instituteverleent aan
Het Effectenhuistoestemming om met ingang van 1 maart 2014 voor de duur van het fonds, op grond van de navolgende voorwaarden gebruik te maken van de OK-Scores van
het Institute, die
het Institutezich verbindt aan
Het Effectenhuister beschikking te stellen; (…)”
3.Het geschil
in conventie
4.De beoordeling
in conventie en reconventie
Haviltex)). Bij het vaststellen van de verplichtingen van partijen bij een langdurige samenwerking is verder van belang hoe partijen in de praktijk invulling hebben gegeven aan de samenwerking. Daarbij kan het zijn dat de die invulling, mits structureel, onderdeel is geworden van de overeenkomst in die zin dat een partij daar ook aanspraak op kan maken jegens de andere partij, zeker als de oorspronkelijke schriftelijke vastlegging summier is.
5.De beslissing
25 augustus 2021voor het nemen van een akte door HEC over hetgeen is vermeld onder 4.24, waarna OKSI op de rol van
zes wekendaarna een antwoordakte kan nemen,