Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
[verdachte] ,
AANTEKENING VAN HET MONDELING VONNIS
De tenlastelegging
Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk
DE UITSPRAAK
verklaarthet Openbaar Ministerie
niet-ontvankelijkvanwege schending van het Tallon-criterium.
Rechtbank Amsterdam
Op 21 juli 2018 werd verdachte, werkzaam als Welcome Ambassador in een hotel, verdacht van het verkopen van circa 0,99 gram cocaïne aan pseudokopers. Het Openbaar Ministerie voerde aan dat er voldoende verdenking bestond en dat het opsporingsmiddel pseudokoop proportioneel en subsidiar toegepast was. Verdachte erkende de verkoop, maar stelde dat hij daartoe was uitgelokt en dat het Tallon-criterium was geschonden.
De politierechter oordeelde dat hoewel er een verdenking bestond, deze niet concreet was en dat verdachte door de pseudokoper expliciet werd gevraagd om cocaïne en XTC, terwijl niet vaststond dat zijn opzet daarop gericht was. Dit leidde tot de conclusie dat sprake was van uitlokking, een schending van het Tallon-criterium en een vormverzuim volgens artikel 359a Sv.
Gelet op vaste jurisprudentie werd het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging. Hierdoor kwam de politierechter niet toe aan de overige verweren en sprak hij het vonnis uit op 23 februari 2021.
Uitkomst: Het Openbaar Ministerie is niet-ontvankelijk verklaard wegens schending van het Tallon-criterium.