Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
1.016,00
Rechtbank Amsterdam
Nizza B.V. exploiteert een schoonmaakbedrijf en sloot op 31 december 2019 een contract met Burger King Nederland B.V. (BKNL) voor schoonmaakwerkzaamheden bij diverse vestigingen, waaronder BK Almere, BK Goes, BK Den Haag, BK Tilburg en BK Zwolle. Dit contract liep tot 30 juni 2020 en werd stilzwijgend verlengd tot 30 juni 2021. In de zomer van 2020 werden de aandelen van de vijf genoemde vestigingen overgedragen aan Birts Investments, die de leiding overnam.
Nizza vorderde in kort geding nakoming van het schoonmaakcontract door de vijf vestigingen en Birts Investments, met betaling van voorschotten. Zij stelde dat deze partijen partij waren bij het contract en dat het contract niet rechtsgeldig was opgezegd. Gedaagden voerden aan dat zij geen partij waren bij het contract en dat er geen contractsovername had plaatsgevonden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat onvoldoende aannemelijk was dat de vestigingen en Birts Investments partij waren bij het contract, omdat alleen BKNL het contract had ondertekend. De betaling door de vestigingen betekent niet dat zij contractspartijen zijn. Ook was geen sprake van contractsovername conform artikel 6:159 BW Pro. De brief van Birts Investments over beëindiging was slechts een mededeling namens BKNL.
Daarom wees de voorzieningenrechter de vordering tot nakoming en schadevergoeding af en veroordeelde Nizza in de proceskosten. Nizza zal haar contractspartij BKNL moeten aanspreken voor nakoming of schade.
Uitkomst: De vordering tot nakoming van het schoonmaakcontract door de vijf Burger King-vestigingen en Birts Investments wordt afgewezen.