Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de meervoudige kamer van 3 maart 2022 in de zaak tussen
[eiseres] , te Amsterdam, eiseres,
het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, verweerder
[derde-partij](hierna: het [derde-partij] ) te Amsterdam,
Procesverloop
Overwegingen
Het [monument] is (mede) tot stand gekomen met een financiële bijdrage van de gemeente Amsterdam en een subsidie van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS).
Eiseres heeft op 12 november 2019 een Wob-verzoek ingediend bij verweerder. Zij heeft daarin gevraagd om openbaarmaking van alle relevante informatie en documenten met betrekking tot de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het oprichten van het [monument] , vanaf 1 april 2019 tot 12 november 2019.
Nu verweerder alle aangetroffen documenten van het Wob-verzoek, uitgezonderd document 67, na het indienen van het beroep alsnog aan eiseres heeft verstrekt maar hierover nog geen besluit heeft genomen, is het beroep reeds om die reden gegrond. De rechtbank bespreekt hierna de overige beroepsgronden en document 67.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt verweerder op binnen 6 weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 178,- aan eiseres te vergoeden.
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 3 maart 2022.