ECLI:NL:RBAMS:2022:1523
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening intrekking en omzetting exploitatievergunning avondzaak naar dagzaak
Verzoekster exploiteert sinds oktober 2018 een horecazaak te Amsterdam, aanvankelijk op basis van een dagzaakvergunning van de vorige exploitant. Na een aanvraag in 2018 verleende de gemeente aanvankelijk een dagzaakvergunning, die later werd gecorrigeerd naar een avondzaakvergunning. In 2021 werd deze vergunning verlengd voor vijf jaar. Vervolgens stelde de gemeente vast dat de avondzaakvergunning ten onrechte was verleend en besloot deze in te trekken en om te zetten naar een dagzaakvergunning.
Verzoekster maakte bezwaar tegen deze besluiten en verzocht om een voorlopige voorziening om de intrekking en omzetting te schorsen, zodat zij de horecazaak voorlopig als avondzaak kon exploiteren. De voorzieningenrechter voerde een belangenafweging uit tussen het belang van verzoekster bij voortzetting van de avondtijden en het belang van de gemeente bij bescherming van het woon- en leefklimaat.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de belangen van verzoekster zwaarder wegen, mede omdat de gemeente eerder de vergunning voor avondtijden had toegekend en verlengd, en er geen aanwijzingen waren dat de exploitatie tot problemen had geleid. De schorsing van de besluiten werd daarom toegewezen tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Tevens werd de gemeente veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en de intrekking en omzetting van de vergunning worden geschorst tot zes weken na beslissing op bezwaar.