ECLI:NL:RBAMS:2022:1906
Rechtbank Amsterdam
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Geen overname transitievergoeding door UWV bij faillissement werkgever
De rechtbank Amsterdam behandelde een bestuursrechtelijke zaak waarin eiseres, een werknemer van een failliete werkgever, het UWV aansprak op overname van een door de kantonrechter toegekende vergoeding ter hoogte van de transitievergoeding. Het UWV had een uitkering wegens betalingsonmacht toegekend, maar weigerde de transitievergoeding mee te nemen in de betalingsverplichting.
Eiseres stelde dat de vergoeding geen transitievergoeding was, maar loon tijdens de dienstbetrekking, bedoeld als compensatie voor schade door het niet beëindigen van het dienstverband. De rechtbank verwierp dit standpunt en oordeelde dat de vergoeding wel degelijk een transitievergoeding is, bedoeld als compensatie voor nadeel na het einde van het dienstverband.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het tweede besluit ongegrond. Tevens veroordeelde zij het UWV tot vergoeding van proceskosten en het betaalde griffierecht aan eiseres. De uitspraak bevestigt dat de transitievergoeding niet onder de betalingsverplichtingen van artikel 64 WW Pro valt.
Uitkomst: Het UWV hoeft de transitievergoeding niet over te nemen bij faillissement van de werkgever.