ECLI:NL:RBAMS:2022:2066
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- P.K. Oosterling-van der Maarel
- R.M. Troost
- K. Duker
- Rechtspraak.nl
Toekenning vergoeding kosten raadsman na vrijspraak in strafzaak
Verzoeker werd op 20 september 2021 door de politierechter van de rechtbank Amsterdam vrijgesproken. Vervolgens diende hij een verzoek in op grond van artikel 530 Sv Pro tot vergoeding van de kosten van zijn raadsman en de kosten voor het opstellen en indienen van het verzoekschrift.
Het Openbaar Ministerie verzette zich tegen de hoogte van de gevraagde vergoeding, stellende dat het aantal gedeclareerde uren en het uurtarief niet in verhouding stonden tot de omvang van het dossier. De raadsman van verzoeker voerde aan dat het hoge aantal uren gerechtvaardigd was vanwege de complexiteit van de zaak, de aard van het dossier en de persoonlijke omstandigheden van verzoeker.
De rechtbank oordeelde dat de door de raadsman opgegeven uren niet bovenmatig waren en dat de omstandigheden van de zaak een hogere inzet rechtvaardigden. De rechtbank wees de gevraagde vergoeding toe, inclusief een standaardvergoeding voor het opstellen en behandelen van het verzoekschrift.
Tegen deze beschikking staat hoger beroep open. De beschikking werd op 14 april 2022 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank kent verzoeker een vergoeding van € 4.598,00 voor de kosten van de raadsman en € 680,00 voor het verzoekschrift toe na vrijspraak.