ECLI:NL:RBAMS:2022:2193
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over benoeming onafhankelijke deskundige bij WIA-uitkeringsgeschil
Eiseres, die sinds september 2014 ziekgemeld is, vordert een WIA-uitkering vanaf 2 april 2020. Verweerder heeft dit geweigerd omdat eiseres minder dan 35% arbeidsongeschikt zou zijn en weigert terug te komen op de einde wachttijd beoordeling van 17 juli 2017. Na een eerdere gedeeltelijke toewijzing heeft verweerder dit besluit ingetrokken en het bezwaar ongegrond verklaard.
Eiseres stelt dat zij niet is gehoord bij het bestreden besluit 2 en dat de arbeidsongeschiktheidsbeoordeling overgedaan moet worden. De rechtbank erkent het hoorgebrek maar passeert dit omdat eiseres alsnog haar gronden heeft kunnen toelichten en zal een onafhankelijke deskundige benoemen.
De rechtbank oordeelt dat het onderzoek van de onafhankelijke deskundige zich beperkt tot de datum 2 april 2020, omdat de psychische klachten niet als nieuwe feiten worden beschouwd. Het beroep is ongegrond voor zover het terugkomen op de beoordeling van 17 juli 2017 betreft. De uitspraak is een tussenuitspraak en verdere beslissingen worden aangehouden tot de einduitspraak.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond voor zover het gaat om het terugkomen op de einde wachttijd beoordeling van 17 juli 2017 en er wordt een onafhankelijke deskundige benoemd voor onderzoek per 2 april 2020.