Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam om haar aanvraag voor een Europese gehandicaptenparkeerkaart bestuurder af te wijzen. De afwijzing was gebaseerd op het oordeel van de GGD dat eiseres in staat is zelfstandig meer dan honderd meter te lopen, hetgeen niet voldoet aan de voorwaarden voor toekenning van de kaart.
Tijdens de zitting op 12 april 2022 heeft eiseres aangevoerd dat zij niet meer dan ongeveer honderd meter kan lopen en dat haar gezondheidsklachten in de loop der jaren zijn toegenomen. Zij stelde dat het verkrijgen van de gehandicaptenparkeerkaart haar gezondheid zou verbeteren. Verweerder handhaafde het besluit op basis van de medische adviezen van de GGD-artsen.
De rechtbank overwoog dat de medische adviezen van de GGD onpartijdig, objectief en inzichtelijk zijn opgesteld en dat deze adviezen telkens zijn gebaseerd op de meest recente medische informatie die eiseres aanleverde. De rechtbank concludeerde dat eiseres niet heeft aangetoond dat zij niet in staat is meer dan honderd meter te lopen en verklaarde het beroep ongegrond.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling of vergoeding van het griffierecht. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.