Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De beoordeling
5.1. bepaalt dat [minderjarige] aan de vrouw zal worden toevertrouwd;
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam heeft op 1 juni 2022 de echtscheiding uitgesproken tussen partijen die sinds 1994 gehuwd waren. De hoofdverblijfplaats van het minderjarige kind is toegewezen aan de vrouw. De man is veroordeeld tot betaling van een maandelijkse kinderbijdrage van €399 en een partnerbijdrage van €662 aan de vrouw.
De vrouw krijgt het recht om de echtelijke woning zes maanden na inschrijving van de echtscheiding te blijven gebruiken tegen een gebruiksvergoeding van de helft van de hypotheeklasten en overige lasten. De rechtbank erkent een vergoedingsrecht van de vrouw van €71.252 op de huwelijksgemeenschap wegens een erfenis onder uitsluitingsclausule.
Verder is een gedetailleerde regeling getroffen voor de verdeling van de woning, boot, bankrekeningen, auto's, inboedel en schulden. De rechtbank wijst verzoeken tot aanvullende vergoedingen deels toe en deels af, en legt uitvoerbaarheid bij voorraad vast. De beschikking bevat ook afspraken over taxaties en termijnen voor overdracht van gedeelde goederen.
Uitkomst: Echtscheiding uitgesproken met toewijzing van hoofdverblijfplaats aan vrouw, vaststelling onderhouds- en partnerbijdragen, voortgezet gebruik woning met gebruiksvergoeding en vergoedingsrecht van vrouw op huwelijksgemeenschap.