Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.[gedaagde 1] ,
2.[gedaagde 2] ,
3.[gedaagde 3] ,
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
offlineen niet meer te beluisteren. Er was (en is) dus geen sprake meer van enige inbreuk.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
Eiser, werkzaam als [beroep 1] en [beroep 2], sprak in een privésetting een stemfragment in dat later zonder zijn toestemming werd gebruikt in een muzieknummer van de vennootschap onder firma [gedaagde 4]. Hij stelde dat dit een inbreuk op zijn auteursrechten en persoonlijkheidsrechten betrof. Gedaagde 1, voormalig vennoot van de vof, werd persoonlijk aangesproken.
De rechtbank beoordeelde dat het stemfragment een werk is in de zin van de Auteurswet, met een eigen, oorspronkelijk karakter en persoonlijk stempel van de maker. Het gebruik van het fragment in het muzieknummer zonder toestemming vormde een onrechtmatige daad jegens eiser. Gedaagde 1 speelde het fragment af in een kleine kring, wat geen zelfstandige onrechtmatige daad opleverde.
Echter, tussen eiser en de vof en haar vennoten (waaronder gedaagde 1) was reeds een schikking getroffen waarbij een vergoeding van €5.000 werd betaald en finale kwijting werd verleend. Gedaagde 1 had deze schikking bekrachtigd en een onthoudingsverklaring met boetebeding ondertekend. Daarom had eiser geen belang meer bij zijn overige vorderingen tegen gedaagde 1.
De rechtbank wees de vorderingen af en compenseerde de proceskosten, waarbij iedere partij zijn eigen kosten draagt. Het vonnis werd gewezen door rechter C.M.E. de Koning en in het openbaar uitgesproken op 26 januari 2022.
Uitkomst: Vorderingen tegen gedaagde 1 worden afgewezen wegens schikking en finale kwijting met de vennootschap.