ECLI:NL:RBAMS:2022:310
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte verkrachting damestoilet uitgaansgelegenheid Amsterdam
Op 10 juli 2021 vond een incident plaats in het damestoilet van een uitgaansgelegenheid in Amsterdam waarbij verdachte en aangeefster seksuele handelingen hadden. Aangeefster verklaarde dat verdachte haar onder bedreiging met een mes tot seksuele handelingen dwong, terwijl verdachte ontkende dat er sprake was van dwang of een mes.
De officier van justitie vorderde een veroordeling wegens verkrachting, gesteund op verklaringen van aangeefster, haar vriendin, de toiletjuffrouw en forensisch bewijs van sperma van verdachte bij de binnenste schaamlippen van aangeefster. De verdediging betwistte de betrouwbaarheid van de verklaringen en stelde dat er geen bewijs was voor het gebruik van geweld of bedreiging.
De rechtbank concludeerde dat het bewijs onvoldoende was om vast te stellen dat verdachte met geweld of bedreiging seksuele handelingen heeft afgedwongen. De verklaringen over het mes waren niet consistent en werden niet ondersteund door andere bewijzen zoals camerabeelden of getuigenverklaringen. Ook het letsel en de spermasporen boden geen overtuigend bewijs van dwang.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van verkrachting en poging daartoe. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard omdat geen straf of maatregel was opgelegd. Beide partijen dragen hun eigen kosten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor dwang of bedreiging bij verkrachting.