Het college van burgemeester en wethouders van Amstelveen verleende vergunninghouder een omgevingsvergunning voor een aanbouw met een dakterras op een woning aan een adres te Amstelveen. Deze vergunning wijkt af van het bestemmingsplan omdat de aanbouw dieper is dan toegestaan en de schermen op het dakterras hoger zijn dan de maximale hoogte van het hekwerk volgens het bestemmingsplan.
Eisers, buren van vergunninghouder, stelden bezwaar tegen de vergunning vanwege vermeende inbreuk op hun privacy en vermindering van zonlicht in hun tuin. Het college verklaarde het bezwaar ongegrond en verleende de vergunning in afwijking van het bestemmingsplan op grond van goede ruimtelijke ordening.
De rechtbank oordeelt dat het college in redelijkheid tot zijn besluit heeft kunnen komen. De overschrijding van de diepte met 1,2 meter en de hoogte van de schermen met 60 centimeter leidt slechts tot geringe effecten op privacy en zonlicht. De matglazen schermen voorkomen een onevenredige inbreuk op de privacy van eisers. Het feit dat een dergelijke aanbouw met dakterras niet in de buurt voorkomt, is niet doorslaggevend.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling of vergoeding van griffierecht. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.